Zo onderhoud je succesvol de vijf mooiste klimplanten

Een lege schutting, een kale muur of een onbegroeide pergola: er zijn weinig verticale oppervlakken in uw tuin die niet mooier worden van een goede klimplant. Ze brengen diepte, kleur en speelsheid zonder veel ruimte in te nemen. Met de juiste verzorging geven klimplanten jarenlang plezier, dus delen we graag top tuiniers tips. Zo fleurt u met behulp van onze  vijf favoriete klimplanten met succes uw tuin op.

Allereerst is het goed om te weten dat er verschillende klimplanten zijn: zelfhechtend, rankend en leiplanten. Zelfhechtende klimplanten kunnen, zoals de naam al zegt, zichzelf aan het oppervlak hechten. Bijvoorbeeld met hun wortels zoals de klimop, maar soms ook met windende bladstelen zoals de clematis. Hoewel deze laatste dus zelfhechtend is, heeft de populaire klimplant wel een planten klimrek nodig om de juiste richting op te gaan. Ook rankende klimplanten hebben baat bij een klimrek voor planten, omdat zij lange ranken maken om ergens omheen te draaien. Tot slot zijn er ook leiplanten, die van zichzelf geen hechtingsmateriaal hebben en dus niet zonder een planten klimrek, gaas of een boog kunnen.

Zo plant u een klimplant


Hoewel elke klimplant floreert bij een aanpak-op-maat, waar we verder in deze blog dieper op in gaan, is er een aantal algemene richtlijnen om in acht te nemen bij het planten van klimplanten.

Stap 1: Bepaal de beste plek. Het juiste klimmateriaal, de hoeveelheid zonlicht en nodige ruimte zijn hierbij van belang.
Stap 2: Bevestig eventueel hechtmateriaal.
Stap 3: Graaf een groot gat op ongeveer twintig centimeter afstand van de uitgekozen klimplek.
Stap 4: Plaats de vochtige (!) kluit schuin richting de klimplek in het gegraven gat.
Stap 5: Voeg na het planten nieuwe potgrond of meststoffen toe aan de grond.
Stap 6: Bewater direct.


Wilt u wel genieten van een klimplant, maar liever niet bezig zijn met het planten of onderhouden? Rissik Hoveniers helpt u graag bij uw tuinonderhoud.

Vijf favoriete klimplanten en hun verzorging


Er bestaan honderden klimplanten, waaruit we onze vijf favorieten hebben geselecteerd. Deze doen het goed in Nederlandse tuinen, zijn met de juiste knowhow makkelijk te onderhouden en geven uw tuin gegarandeerd iets extra’s.

1: Passiebloem (Latijnse naam: Passiflora caerulea), klimplant met opgekrulde hechtranken


Prachtige bloemen, heerlijke vruchten en een bloeitijd van juni tot september: wat wilt u nog meer? Deze plant doet het goed op een zonnige, warme plek in vruchtbare, water doorlatende bodem. Tot min twaalf graden Celsius overleeft deze klimmer buiten. Werk voor de juiste klim van deze plant met tuindraad of gaas, maar laat ‘m zelf zijn weg zoeken. Deze klimplant is zonder schroom in de lente – na de laatste vorst – te snoeien; door zijn sterke groei zullen takken snel weer terug groeien.

2: Trompetbloem (Latijnse naam: Campsis tagliabuana), klimplant met hechtwortels


Op een zonnige, wind beschutte plek klimt de trompetbloem graag omhoog vanuit een normale grondsoort. Geef deze klimmer aan het begin wat hulp met klimmen, bijvoorbeeld tegen een schutting of pergola, zodat ze hoe hoger hoe beter zelf verder gaat.

Deze plant heeft een eigen snoeiroutine: het eerste jaar na de aanplant mag u alles wegsnoeien, behalve vijf krachtige scheuten die u tot vijftien centimeter boven de grond terugsnoeit. De jaren daarna wordt de bloei bevorderd en de plant ingetoomd door aan het einde van de winter te snoeien. Beschadigde, zwakke of ingevroren delen mogen elk jaar zonder pardon weggehaald worden, evenals een derde van alle zijtakken. Overige takken zet u terug op twee à drie zijknoppen van de hoofdtak – daar komen in het nieuwe seizoen prachtige bloemen. Houd haar grond altijd vochtig, maar zeker niet te nat. Hoe meer zonlicht, hoe meer en hoe langer u kunt genieten van de trompetbloemen die voor een direct vakantiegevoel zorgen.

3: Clematis (Latijnse naam: Clematis), klimplant zonder hechtwortels


Een plant die goed genoeg was voor de oude Grieken, is zeker ook goed genoeg voor ons. Op een halfschaduwplaats in een humusrijke bodem gedijt de clematis en bloeit ze rijkelijk. Waar deze populaire klimmer in de natuur zelf lang struiken omhoog slingert, kan ze in een Nederlandse tuin wat hulp gebruiken. Boots haar wildgroei na met een struik of een andere klimplant of kies voor een klimrek of een schutting waar u haar een handje helpt door nieuwe uitlopers langs het rek te binden of door de schutting te leiden. Goede snoei, rijke bloei, gaat zeker op voor de Clematis: de beste periode hiervoor is afhankelijk van de Clematis-soort in het voorjaar of in de zomer.

4: Klimop (Latijnse naam: Hedera), klimplant met hechtwortels


In een artikel over klimplanten, kan uiteraard de klimop niet ontbreken. Deze welkbekende klimplant is makkelijk te onderhouden, blijft het hele jaar mooi groen en kan uit vrijwel elke grondsoort groeien. In de halfschaduw of volle zon vindt de klimop het het fijnst en ook een jaarlijkse, flinke snoeibeurt in het voorjaar doet deze klimmer goed. Met een beetje standaard NPK-bijmesting na het snoeien ziet de klimop er waarschijnlijk in hetzelfde jaar weer hetzelfde uit.

5: Blauwe regen (Latijnse naam: Wisteria sinensis), klimplant zonder hechtwortels


Deze prachtige plant met haar welbekende blauwe bloemen valt in de categorie: sterke groeier. De zijtakken kunnen armdik worden en bijvoorbeeld regenpijpen flink beschadigen. Een op de plant aangepaste aanpak is dan ook erg belangrijk. Van nature groeit de blauwe regen tegen bomen op en in uw tuin heeft u er baat bij dit zo goed mogelijk na te bootsen.

Plant deze klimmer in humusrijke grond waar vanuit de plant naar de zon kan klimmen. Twee keer per jaar snoeien en bemesten doet deze klimplant goed, want bij gebrek aan onderhoud gaat de plant woekeren. Om dit tegen te gaan, kunt u een systeem bedenken waarlangs de blauwe regen zich kan ontwikkelen. In het voorjaar snoeit u de zijtakken tot op twee tot drie ogen en in de zomer verwijdert u de lange scheuten die gevormd zijn en die uit de basis komen. Houd er rekening mee dat de blauwe regen vaak pas drie à vier jaar na het planten voor het eerst bloeit.